Weergeven resultaten 1 tot 5 van 5

Onderwerp: Groeihormoon (bij kinderen) - Artikel

  1. #1
    Premium ++ Account Luuss0404's Avatar
    Lid sinds
    13-05-2009
    Locatie
    Groningen
    Posts
    5.659

    Exclamation Groeihormoon (bij kinderen) - Artikel

    Het endocriene systeem
    Om alle organen in ons lichaam goed te laten samenwerken, zijn er twee systemen waarmee organen onderling communiceren, dat wil zeggen boodschappen of signalen uitwisselen.
    * het zenuwstelsel; waarbij de hersenen een centrale plaats innemen in het aansturen van tal van organen.
    * het endocriene systeem (hormoonsysteem).
    Bij het zenuwstelsel bestaan de signalen uit elektrische impulsen, terwijl het endocriene stelsel gebruik maakt van hormonen.
    Het menselijk lichaam maakt vele honderden verschillende hormonen. Sommige hormonen zijn daarbij absoluut onmisbaar, zoals het hormoon insuline dat wordt aangemaakt door de alvleesklier en niet of onvoldoende aanwezig is bij diabetes. Het ontbreken van de meeste andere hormonen is niet levensbedreigend, maar veroorzaakt na verloop van tijd wel ziekteverschijnselen.

    De hypofyse en de hypothalamus
    Een belangrijke klier die meerdere hormonen produceert, is de hypofyse. De hypofyse wordt ook wel hersenaanhangsel genoemd en is een orgaan met de omvang van een erwt. Het bevindt zich aan de onderzijde van het voorste deel van de hersenen. In dit gebied van de hersenen zit ook de hypothalamus, die boven de hypofyse ligt. De hypothalamus staat in verbinding met de hypofyse en geeft er hormonen aan af. Ook groeihormoon wordt aangemaakt in de hypofyse. In de hypothalamus worden al deze processen gecoördineerd en waar nodig op elkaar afgestemd.


    Groeihormonen
    Groeihormoon en lengtegroei
    Groeihormoon is net als vele andere hormonen een eiwit. Het is een betrekkelijk klein molecuul met een voor eiwitten eenvoudige structuur. Groeihormoon wordt door de hypofyse afgegeven aan de bloedbaan, nadat deze van de bovenliggende hypothalamus het hormoon ‘Growth Hormone Releasing Hormone’ (GHRH) heeft ontvangen. Groeihormoon komt via de bloedbaan in alle delen van het lichaam, inclusief de lever. In de lever wordt onder invloed van groeihormoon een ander hormoon aangemaakt: ‘Insulin-like Growth Factor-1’ (IGF-1). IGF-1 verlaat de lever en komt ook in de bloedbaan terecht. Net als groeihormoon wordt ook IGF-1 via de bloedbaan naar alle delen van het lichaam getransporteerd. Zo komt het ook terecht in de pijpbeenderen van de benen, die het grootste effect op de lengte hebben. Maar ook de groei van de andere botten in het lichaam staat onder invloed van groeihormoon en IGF-1. Een typisch pijpbeen, zoals het dijbeenbot, bestaat uit een midden stuk (diafyse genoemd), twee uiteinden (epifyse genoemd) en twee groeischijven (ook wel epifysairschijven genoemd), die zich tussen diafyse en epifyse bevinden. Kleine pijpbeenderen, zoals vingerkootjes, hebben maar aan één zijde een epifyse met groeischijf. De groeischijven bevinden zich tussen het middenstuk en de beide uiteinden. De groeischijf bestaat uit een aantal lagen kraakbeencellen. Wanneer deze cellen zich vermeerderen, duwen de nieuwe cellen de uiteinden van het bot naar buiten en tegelijk worden de oudere kraakbeencellen omgevormd tot bot. Door groei aan de uiteinden wordt het bot dus steeds langer. Het daartoe benodigde groeihormoon en IGF-1, komen via de bloedvaten in het middenstuk van het bot de pijpbeenderen binnen. Aan het einde van de puberteit neemt, bij meisjes onder invloed van oestrogeen en bij jongens onder invloed van testosteron, de aanwas van nieuwe kraakbeencellen af en stopt geleidelijk het groeiproces in de groeischijf. De uiteinden van het bot en het middenstuk versmelten vervolgens met elkaar tot één geheel. Op röntgenfoto’s is dit proces te volgen door het zien verdwijnen van de donkere zones in de witte botuiteinden.
    Klik op plaatje voor grotere versie

Naam:  groeihormoon.jpg
Bekeken: 177
Grootte:  13,6 KB
    Schematische tekening van de werking van het groeihormoon in het bot

    Andere effecten van groeihormoon
    Het belangrijkste positieve effect van groeihormoon en IGF-1 is, naast de lengtegroei van de botten, de opbouw van spieren, het instandhouden en versterken van de hartfunctie en het onder controle houden van de vetreserves. Het gaat hierbij vooral om het vet dat zich in de buik verzamelt. Dit vet, in tegenstelling tot vet op andere plaatsen in het lichaam, heeft een slechte invloed op de glucose- en vetstofwisseling. Ook de regulatie van de hoeveelheid vocht in ons lichaam staat onder invloed van groeihormoon. Voor al deze processen zijn overigens ook andere hormonen en vitaminen noodzakelijk. Het is begrijpelijk dat een tekort aan groeihormoon en IGF-1 niet alleen onvoldoende lengtegroei veroorzaakt, maar ook een verstoorde vetstofwisseling met een verhoogd cholesterolgehalte, een vervroegde kans op botontkalking (osteoporose) en hart- en vaatziekten. Ook de nierfunctie is bij een groeihormoontekort veranderd, waardoor de water- en zoutbalans is verstoord. En door een veranderde stofwisseling van de hersenen kunnen een verminderd concentratievermogen en geheugenstoornissen ontstaan. Tekort aan groeihormoon kan dus het algehele welbevinden van het kind of de volwassene negatief beïnvloeden.

    De productie van groeihormoon
    Groeihormoon werd oorspronkelijk ontdekt als een eiwit in de hypofyse van ratten dat in laboratoriumonderzoek vooral (bot)groei bleek te bevorderen. Vandaar de naam groeihormoon. Dierlijk groeihormoon is bij de mens niet werkzaam, omdat de moleculaire structuur dermate anders is, dat het niet door menselijke receptoren voor groeihormoon wordt herkend. Aanvankelijk werd daarom groeihormoon verkregen uit hypofyseweefsel van overleden mensen. Na zuivering werd dit zogenaamde natieve groeihormoon gebruikt om patiënten met onvoldoende lengtegroei, door een tekort aan groeihormoon, te behandelen. Halverwege de jaren ‘80 van de vorige eeuw werd het mogelijk groeihormoon te produceren met behulp van zogenaamde recombinant-DNA-technieken. Hierbij worden bacteriën of andere niet-menselijke cellen aangezet om op grote schaal menselijk groeihormoon aan te maken. Het groeihormoon dat als medicijn wordt voorgeschreven, is daarom een biosynthetisch product dat dezelfde structuur heeft als menselijk groeihormoon.
    Klik op plaatje voor grotere versie

Naam:  groeihormoon 1.jpg
Bekeken: 127
Grootte:  11,6 KB
    Zo ziet het groeihormoon eruit.

    Groeihormoon als geneesmiddel
    Wanneer er een tekort aan groeihormoon is geconstateerd, schrijft de arts een groeihormoonpreparaat voor om het tekort aan te vullen. Dit groeihormoon moet op dezelfde wijze werken als het natuurlijke, van de hypofyse afkomstige groeihormoon en moet dan ook in de bloedbaan terechtkomen. Dit kan niet gebeuren door het innemen van groeihormoon in tabletvorm, want maagzuur en darmsappen zouden het eiwit direct afbreken, waardoor groeihormoon zijn werking al verloren heeft voor het in de bloedsomloop is aangekomen. Daarom moet groeihormoon – net als insuline bij mensen met diabetes – dagelijks (bij voorkeur ’s avonds) worden ingespoten. Het wordt niet direct in de bloedbaan gespoten, maar onder de huid (subcutaan), waar het zich verspreidt en geleidelijk opgenomen wordt door de talloze daar aanwezige bloedvaatjes. Eenmaal opgenomen in het bloed komt het overal in het lichaam waar het nodig is. Hiervoor zijn verschillende toedieningssystemen beschikbaar, zowel met als zonder naald.

    Groeihormoon bij kinderen
    Groeihormoon bij kinderen
    Groeien zien we als iets vanzelfsprekends: ‘Goed eten, dan word je vanzelf groot en sterk!’ Dat groeien een complex proces is, waarin ook wel eens iets mis kan gaan, blijkt pas als uw kind niet volgens plan groeit. Als het ondanks goede voeding en verzorging te klein blijft in vergelijking met leeftijdsgenootjes. Niet dat er dan direct iets aan de hand hoeft te zijn; de één groeit nu eenmaal sneller dan de ander. Maar houdt het kind een groeiachterstand, dan kan dit een symptoom van een onderliggende ziekte zijn.
    Voorwaarden voor een gezonde groei: Voor een gezonde groei heeft een kind voldoende voeding, bepaalde hormonen en een goede verzorging nodig. Wordt aan één van deze voorwaarden niet voldaan, dan kan dat gezondheidsproblemen tot gevolg hebben, die weer van invloed zijn op het groeiproces. Als de oorzaak van de groeiachterstand bijtijds wordt gesignaleerd, is de groeiachterstand meestal goed te behandelen. Daarom is het van belang dat de lengte van een kind regelmatig wordt gemeten tot het volwassen is.

    Streeflengte
    Met een rekensom op basis van de lengte van de vader en de moeder kan worden bepaald welke lengte een kind zou kunnen bereiken. Dit heet de sreeflengte. De streeflengte zegt alleen iets over de gemiddelde erfelijke aanleg en niet over de eindlengte.

    Rekensom:
    De lengte van de vader plus de lengte van de moeder.
    Tel daarbij 13 op als het een jongen is en trek er 13 af als het een meisje is. Deze 13 centimeter is het gemiddelde lengteverschil tussen jongens en meisjes. Deel dit getal vervolgens door 2. Bij die uitslag moet nog eens 4,5 centimeter worden opgeteld. Deze 4,5 centimeter is de groei die elke nieuwe generatie extra doormaakt: we worden langer dan onze ouders.
    Een voorbeeld:
    (Voor het gemak rekenen we in centimeters, hieronder afgekort met cm)
    Vader is 189 cm, moeder 175 cm. Opgeteld is dat 364 cm. Voor een zoon worden er 13 cm bij opgeteld. Dat maakt 377 cm. Gedeeld door 2 is dit 188,5 cm. Tel daar 4,5 cm bij op, dan is het eindresultaat 193 cm. Als de eindlengte van een zoon negen centimeter meer of minder is, dan is
    het binnen dit gezin nog altijd een normale lengte voor hem. De streeflengte ligt dus tussen 184 en 202 cm.
    De streeflengte voor een dochter van dit ouderpaar is ook te berekenen.
    De twee lengtes van de ouders komen op 364 cm. Trek daar 13 vanaf, dat maakt 351 cm. Gedeeld door twee is dit 175,5 cm.Tel daar 4,5 bij op, dan is het eindresultaat 180 cm. De streeflengte van de dochter van dit ouderpaar ligt tussen 171 en 189 cm.

    (Bron; informatiefolder van nvgg.nl)
    Verlies nooit de moed: soms gaat de deur pas open met de laatste sleutel van de bos

  2. #2
    Premium ++ Account Luuss0404's Avatar
    Lid sinds
    13-05-2009
    Locatie
    Groningen
    Posts
    5.659

    Exclamation Re: Groeihormoon (bij kinderen) - Artikel

    Vervolg

    Andere afkomst andere maten
    De rekensom geldt voor kinderen van Nederlandse ouders. De herkomst van een kind speelt een grote rol bij de lengtegroei. Aziatische mensen bijvoorbeeld hebben een heel andere bouw en lengte. Datzelfde geldt voor Turkse, Marokkaanse of Zuid-Amerikaanse mensen. Bij de bepaling van de streeflengte en het uitzetten van een groeicurve is het van belang dit te weten.

    Regulatie van de groei - Groei van lichaamsdelen en onderlinge lichaamsverhouding
    Niet alle lichaamsdelen, zoals armen, benen en hoofd, groeien vanaf de geboorte even hard. Een pasgeborene heeft bijvoorbeeld al een relatief groot hoofd en dit groeit in de jaren daarna dus wat minder hard dan de rest van het lichaam. Armen en benen zijn bij de geboorte juist wat aan de kleine, korte kant en groeien in de jaren daarna, met name in de puberteit, juist het hardst. Ook bepaalde lichaamsdelen zelf vertonen in hun groei een samenhang met de leeftijd. Als je bijvoorbeeld één jaar bent en je bent net gaan lopen dan zal je in het algemeen lichte o-benen hebben. In de jaren daarna gaat echter de binnenkant van de knieën wat harder groeien. Op je vierde vertoon je daardoor x-benen. Dit is geen afwijking; het hoort bij de leeftijd. In de navolgende jaren groeit de buitenkant van de knieën namelijk weer wat harder. Dit betekent dat je op je zesde à zevende in het algemeen weer rechte benen zult hebben.
    Klik op plaatje voor grotere versie

Naam:  groei.jpg
Bekeken: 190
Grootte:  7,5 KB

    Oorzaken van verminderde groei bij kinderen
    Groeihormoondeficiëntie:
    Kinderen met groeihormoondeficiëntie zijn klein en groeien langzaam, maar hebben wel normale lichaamsverhoudingen. Meestal hebben ze wat teveel lichaamsvet, vooral op de buik. Ze zien er vaak erg jong uit voor hun leeftijd en hebben een fijn gezicht, soms een bolvormig voorhoofd en een wat krakerige stem. Dit alles is het meest duidelijk te zien bij jonge kinderen. Sommige hebben maar een gedeeltelijk tekort aan groeihormoon en dan zijn deze kenmerken minder duidelijk aanwezig. Er zijn geen aanwijzingen dat kinderen die kleiner zijn minder intelligent zijn of minder goed kunnen leren. Er zijn verschillende oorzaken voor een tekort aan groeihormoon. De meeste hebben te maken met een slechte werking van de hypofyse of de hypothalamus, of allebei. Soms wordt er wel genoeg groeihormoon gemaakt, maar kan het lichaam het door een bepaalde afwijking niet of niet goed gebruiken. Wordt er geen oorzaak gevonden dan noemt men dit idiopathische (van onbekende oorzaak) groeihormoondeficiëntie. Groeihormoondeficiëntie kan bij de geboorte, maar ook op latere leeftijd ontstaan.

    Chronische nierinsufficiëntie:
    Chronische nierinsufficiëntie, ook wel nierfalen genoemd, betekent een onvoldoende werking van de nieren zonder dat er uitzicht is dat dit zal herstellen. Chronische nierinsufficiëntie is het gevolg van een ziekteproces waarbij de nieren ernstig worden beschadigd. De beschadiging van beide nieren kan zo ernstig worden dat deze niet meer in staat zijn de afvalstoffen uit het lichaam te verwijderen. Zonder behandeling is het dan niet meer mogelijk in leven te blijven. Daarom vinden bij deze patiënten, althans zolang er geen donornier beschikbaar is, kunstmatige spoelingen plaats in de vorm van hemodialyse of peritoneale dialyse. Helaas vervangen deze technieken de functies van de nieren maar gedeeltelijk en zijn kinderen met niervervangende therapie verre van gezond. Dit uit zich onder meer in een vertraagde lengtegroei. Zodra er met succes een donornier wordt getransplanteerd, kan de nierfunctie weer zo goed als normaal worden. De lengtegroei is helaas nog steeds teleurstellend, en in elk geval treedt geen inhaalgroei op. Dat is vooral te wijten aan de medicamenten die blijvend moeten worden gebruikt om te voorkomen dat de donornier wordt afgestoten. Dus als chronische nierinsufficiëntie op kinderleeftijd optreedt, leidt dit zonder behandeling met groeihormoon altijd tot een (zeer) kleine gestalte op volwassen leeftijd. Hoe jonger het kind is wanneer het nierfalen zich openbaart, des te ernstiger is de groeiachterstand. Wat hiervan de oorzaak is, is niet duidelijk. Het is namelijk niet zo dat door het nierfalen de hypofyse is beschadigd en geen of minder groeihormoon aanmaakt. Toch blijkt behandeling met groeihormoon wel degelijk een gunstig effect op de groei te hebben. Voor het bereiken van een acceptabele volwassen lengte, is het van belang dat de behandeling met groeihormoon vroegtijdig wordt gestart. Het streven is om hiermee de groeiachterstand te hebben weggewerkt vóór het tijdstip van de (eerste) niertransplantatie. Behandeling met groeihormoon heeft geen negatieve gevolgen voor de niervervangende behandelingen (dialyse) of voor de getransplanteerde nier.

    Turner-syndroom:

    Het ‘Turner-Syndroom’ (TS) wordt veroorzaakt door een chromosomale afwijking en komt uitsluitend voor bij vrouwen. Ongeveer 1 op de 2.500 meisjes wordt geboren met het syndroom van Turner. Eén of een gedeelte van één van beide X-chromosomen (de vrouwelijke geslachtschromosomen) ontbreekt, waardoor de eierstokken zich niet goed ontwikkelen. Hierdoor wordt onvoldoende vrouwelijk geslachtshormoon gemaakt en vindt er geen ontwikkeling van borsten en groei van oksel- en schaamhaar plaats. Bij de helft van de meisjes met het syndroom van Turner is bij de geboorte de hand- en voetrug gezwollen. De zwelling verdwijnt na verloop van tijd vanzelf. Ook kunnen er huidplooien aan weerszijden van de hals bestaan. Meisjes met het Turner-syndroom zijn vaak al klein bij de geboorte. Vervolgens halen ze dit niet in, waardoor bijna de helft van deze meisjes rond hun 4e of 5e jaar een duidelijke groeiachterstand heeft opgelopen. De behandeling bestaat onder meer uit het toedienen van groeihormoon en vrouwelijke geslachtshormonen.

    Prader-Willi-syndroom:
    Het ‘Prader-Willi-Syndroom’ (PWS) is eveneens een (tamelijk ingewikkelde) genetische aandoening, die voorkomt bij 1 op de 5.000 tot 1 op de 25.000 kinderen. Het syndroom gaat niet uitsluitend gepaard met lengtegroeiproblemen, maar ook met voedingsproblemen, overmatige eetlust en derhalve met grote kans op flink overgewicht. Ook andere gedragsproblemen komen voor en vaak zijn de intellectuele vermogens beperkt. Meestal blijft de spontane puberteit uit. De groeiproblemen worden in belangrijke mate veroorzaakt door verminderde aanmaak van groeihormoon. En dit is deels ook verantwoordelijk voor het overgewicht. Sinds kort worden kinderen met het Prader-Willi-syndroom met groeihormoon behandeld en de eerste resultaten zijn uiterst veelbelovend. De achtergebleven lengtegroei verbetert aanzienlijk en ook worden de kinderen slanker en sterker. Ze kunnen echter niet zonder een streng dieet. Om in de puberteit te komen, is behandeling met geslachtshormonen noodzakelijk.

    Silver-Russell-syndroom:
    Kinderen met het ‘Silver-Russell-Syndroom’ (SRS) zijn herkenbaar aan hun kleine en vooral tengere gestalte. Zij hebben een typische (driehoekige) vorm van het gezicht. Het hoofd is vaak niet links-rechts-symmetrisch en ook de armen en benen kunnen links-rechts-verschillen vertonen. De pinken zijn vaak krom. Kinderen met het Silver-Russell-syndroom zijn reeds bij de geboorte klein en licht, en vertonen geen inhaalgroei. Ook de groeispurt in de puberteit is onvoldoende. Daardoor zijn ook volwassenen met het Silver-Russell-syndroom opvallend klein. Het syndroom is genetisch bepaald, maar de precieze oorzaak is nog onbekend. Meestal treft het een enkele persoonin de familie, soms zijn meerdere gezinsleden aangedaan. Het is niet precies bekend hoe vaak het syndroom voorkomt, doordat de symptomen zeer wisselend kunnen zijn en de diagnose niet gemakkelijk met zekerheid kan worden gesteld. Sinds kort kunnen kinderen met het Silver-Russell-syndroom met groeihormoon behandeld worden. De achtergebleven lengtegroei verbetert aanzienlijk.

    Small for Gestational Age:
    De Engelse term ‘Small for Gestational Age’ – vaak afgekort tot SGA – betekent dat een baby bij de geboorte te klein en/of te licht is voor de duur van de zwangerschap. Voor iedere zwangerschapsduur is bekend binnen welke grenzen het gewicht van de baby als normaal kan worden beschouwd. Wanneer het gewicht van de baby daaronder ligt, wordt dat SGA genoemd. De oorzaak van SGA is groeivertraging in de baarmoeder. Om vast te stellen of er sprake is van groeivertraging in de baarmoeder, moet de foetus tijdens de zwangerschap minstens tweemaal heel nauwkeurig worden gemeten met behulp van een ultrageluidsonderzoek (echografie). Omdat dit bij de meeste kinderen niet routinematig gebeurt, is vaak niet met zekerheid vast te stellen of er sprake is van een groeivertraging tijdens de zwangerschap of dat het ‘gewoon’ een klein kindje is. Daarom wordt tegenwoordig alleen gekeken naar de lengte en/of het gewicht van kinderen bij hun geboorte. Baby’s met SGA vertonen in de eerste levensjaren vaak een inhaalgroei. Wanneer dat niet of onvoldoende gebeurt, is de kans groot dat ook hun volwassen lengte onder de maat blijft. Tijdige behandeling met groeihormoon zal veelal alsnog voldoende lengtegroei bewerkstelligen.

    (Bron; informatiefolder van nvgg.nl)
    Verlies nooit de moed: soms gaat de deur pas open met de laatste sleutel van de bos

  3. #3
    Premium ++ Account Luuss0404's Avatar
    Lid sinds
    13-05-2009
    Locatie
    Groningen
    Posts
    5.659

    Exclamation Re: Groeihormoon (bij kinderen) - Artikel

    Vervolg

    Hoe wordt de diagnose gesteld
    Om vast te stellen of een kind een tekort aan groeihormoon heeft, worden verschillende onderzoeken uitgevoerd. Zo zal een röntgenfoto van de linkerhand van het kind worden gemaakt om de botleeftijd te meten. Het is belangrijk te weten of de botleeftijd overeenkomt met de werkelijke leeftijd van het kind. Als de botleeftijd lager uitvalt, wijst dat op een tekort aan groeihormoon. Verder wordt de aanmaak van groeihormoon getest. Normaal gesproken geeft de hypofyse dag en nacht groeihormoon af aan het lichaam, in steeds wisselende hoeveelheden. De pieken liggen ‘s avonds en ‘s nachts. Met bloedonderzoek is wel te bepalen hoeveel groeihormoon er op dat moment in het bloed zit, maar niet of er sprake is van een groeihormoontekort. Om dat te bepalen, krijgt het kind een infuus met een stof die de hypofyse prikkelt om groeihormoon af te geven. Tijdens de test wordt regelmatig bloed afgenomen. Wanneer na herhaaldelijk testen blijkt dat de hypofyse onvoldoende reageert en te weinig groeihormoon afgeeft, kan de spe******t met zekerheid zeggen dat het kind een groeihormoontekort heeft. Soms zal de arts nog een MRI-scan van de hersenen laten maken. Dat gebeurt alleen als het vermoeden bestaat dat het tekort aan groeihormoon is ontstaan doordat de hypofyse beschadigd is of zich niet goed heeft ontwikkeld. De kinderarts zal naast het meten van de lengte nog een uitgebreider onderzoek doen. Er wordt namelijk nog een röntgenfoto van de linkerhand en de pols gemaakt waarop ze kunnen zien hoever het bot is gerijpt; dit noemen we botleeftijd. Door een bepaalde berekening laat die botleeftijd zien hoeveel je nog kunt groeien.

    Bot- of skeletleeftijd
    Niet alle jongens en meisjes met dezelfde (kalender)leeftijd zijn even ver in hun groei en ontwikkeling. Je kunt als meisje van twaalf jaar nog helemaal plat zijn, terwijl je vriendin die even oud is al flinke borsten heeft en ook al menstrueert. De biologische ontwikkeling van je lichaam lijkt dan op die van een meisje van tien, terwijl je vriendin van twaalf jaar juist twee jaar ouder lijkt, veertien. Een maat voor het vaststellen van deze biologische of lichamelijke ontwikkelingsleeftijd is de bot- of skeletleeftijd. Met behulp van een röntgenfoto van de linkerhand stelt de kinderarts deze skeletleeftijd vast. Op deze röntgenfoto is te zien hoe ver de botten al gegroeid zijn en hoe ver dus het hele lichaam al is gerijpt. Bij rijping tot volwassenheid krijgen de handbeentjes hun definitieve vorm: het kraakbeen rijpt langzaam tot echt bot. De botleeftijd geeft dus aan, hoever het groeiproces al is gevorderd. Bij meisjes wordt die als volwassen beschouwd als ze zestien jaar zijn, voor jongens geldt een leeftijd van achttien jaar. Een voorbeeld: wanneer je als meisje al op je dertiende behoorlijk lang bent, dan is je botleeftijd misschien wel vijftien. Dat betekent dat je niet lang meer zult doorgroeien, want je bent al bijna uitgegroeid. Als jongen kan het gebeuren dat je op je vijftiende klein bent en nog steeds niet in je puberteit zit. De leeftijd van je botten kan dan bijv. dertien zijn. Dus je hebt dan nog alle groei ‘tegoed’ van een jongen van dertien, waardoor je nog extra jaren zult doorgroeien.
    Klik op plaatje voor grotere versie

Naam:  groeischijven hand.jpg
Bekeken: 259
Grootte:  12,3 KB
    Bij de linkerhand zijn de groeischijven nog open, bij de rechterhand gesloten: het bot is uitgegroeid

    Behandeling met groeihormoon
    Een groeihormoonbehandeling duurt meerdere jaren, meestal tot het kind ver in de tienertijd is en werkt het beste als je er zo jong mogelijk mee begint. In ieder geval vóór de puberteit. Het groeihormoon moet men iedere dag toedienen vlak onder de huid. Je kunt niet meer groeien als de zogenaamde “groeischijven” (zie foto) aan het uiteinde van de botten zijn dichtgegroeid. Dit zijn schijven van kraakbeen (heel zacht bot), waaruit het harde bot groeit. Naarmate je ouder wordt, veranderen die kraakbeenschijven in hard bot en dan ben je uitgegroeid. Het moment waarop iemand is uitgegroeid verschilt per kind. Meestal zijn meisjes wat eerder uitgegroeid dan jongens. Tijdens een groeihormoonbehandeling moet de patiënt regelmatig gemeten worden door een dokter. Daarna maakt hij/zij grafieken (ook wel groeicurves genoemd zie achter in dit boekje) waarop je kunt zien hoe groot je op een bepaalde leeftijd zou moeten zijn en hoeveel centimeters je per jaar zou moeten groeien (je groeisnelheid).
    In het eerste jaar van de behandeling kan het aantal centimeters dat het kind groeit twee keer zo snel zijn als het jaar daarvoor. Dit komt omdat de achterstand die is opgelopen eerst wordt ingehaald. We noemen dit inhaalgroei. Daarna zal het kind ongeveer net zo hard groeien als kinderen die geen tekort aan groeihormoon hebben. Uiteindelijk wordt er dan ook een normale volwassen eindlengte bereikt. Hoe lang precies is afhankelijk van een aantal factoren. Zoals bijvoorbeeld de lengte van de ouders en de leeftijd waarop begonnen is met groeihormoon. Een groeihormoonbehandeling heeft op de langere termijn ook effect op de hoeveelheid vet en spieren. Na verloop van tijd neemt de hoeveelheid vet af en de hoeveelheid spieren toe.
    Bijwerkingen van groeihormoon zijn zeer beperkt. Immers, er wordt alleen de ontbrekende hoeveelheid groeihormoon aangevuld die het lichaam normaal zelf zou maken. Tevens is het synthetisch groeihormoon identiek aan het menselijk groeihormoon. Voorwaarde is uiteraard wel dat de juiste hoeveelheid, die afhankelijk is van leeftijd en grootte, wordt toegediend, zodat de normale situatie zo veel mogelijk wordt benaderd. Ook is het belangrijk om te beseffen dat met de start van de behandeling de lichamelijke toestand verandert en dat er een zekere aanpassing nodig is. Bij kinderen wordt dat vooral goed zichtbaar bij de inhaalgroei. Door de versnelde groei kan onder invloed van groeihormoon pijn in spieren en/of gewrichten optreden. Ook komen hoofdpijn, misselijkheid en een branderig, prikkelend of tintelend gevoeld in de handen en voeten voor. Hoofdpijn kan een teken zijn van verhoogde hersendruk, doordat het lichaam meer vocht vasthoudt. Wanneer dit gepaard gaat met minder goed zien, sufheid en misselijkheid met braken, moet de behandeling in overleg met de behandelend arts enkele weken worden gestaakt.
    Andere bijwerkingen die kunnen voorkomen: lokale huidreacties op de injectieplaats, onvoldoende werking van de schildklier (hypothyreoïdie), vorming van antistoffen,afglijden van de heupkop-epifyse.
    De meeste bijwerkingen treden op in de eerste maanden van de behandeling en verdwijnen na verloop van tijd doordat het lichaam aan het groeihormoon gewend raakt. Meestal treden de bijwerkingen op als de dosis van het groeihormoon (te) hoog is. Wanneer de bijwerkingen serieus zijn of aanhouden, is het raadzaam contact op te nemen met de kinderarts.

    Toedienen van groeihormoon
    Omdat de hoeveelheid groeihormoon in het bloed ‘s nachts het hoogst is, worden de injecties bij voorkeur ‘s avonds voor het slapengaan gegeven. Op deze manier wordt de natuurlijke situatie het best benaderd. Voor het toedienen van groeihormoon bestaan speciale toedieningssystemen. Omdat het toedienen van groeihormoon dagelijks ‘vaste prik’ is gedurende vele jaren, dient het systeem snel, eenvoudig, nauwkeurig en betrouwbaar te zijn. Uiteraard is het belangrijk dat het toedienen ook nagenoeg pijnloos is en dat wat oudere kinderen zichzelf gemakkelijk kunnen injecteren. Het toedienen van groeihormoon voor het slapengaan, moet bijna net zo gewoon worden als tandenpoetsen. Voor het toedienen van groeihormoon bestaan verschillende toedieningssystemen.Er zijn systemen met en zonder naald. Het is belangrijk dat u een eenvoudig en betrouwbaar systeem heeft, waarmee u het groeihormoon gemakkelijk en nauwkeurig kunt toedienen. Zorg er voor dat u een systeem kiest dat goed bij u past, want uw kind zal gedurende lange tijd groeihormoon gebruiken. Een goede voorlichting door uw arts of verpleegkundige over de beschikbare systemen is van groot belang voor het maken van de juiste keuze. Ook bij de diverse fabrikanten van het groeihormoon kunt u informatie aanvragen over de verschillende toedieningssystemen.

    Hoe lang moet groeihormoon worden gebruikt?
    Als een kind is uitgegroeid en minder dan een halve centimeter per jaar groeit, wordt bekeken of de behandeling gestopt kan worden. Het kind heeft dan geen groeihormoon meer nodig om groter te worden. Voor het lichaam is groeihormoon echter een leven lang onmisbaar. Een volwassene maakt veel minder groeihormoon aan, maar heeft dat wel nodig voor de energiehuishouding en om de balans tussen vet en spieren goed te houden. Blijkt dat de hypofyse nog altijd geen groeihormoon aanmaakt en geeft dit klachten dan wordt met de kinderarts of internist besproken of het toedienen van groeihormoon moet worden hervat. Ongeveer 30% van de kinderen die behandeld zijn met groeihormoon, moeten als volwassene ook groeihormoon gebruiken.

    Groeihormoon bij volwassenen
    Groeihormoon bij volwassenen
    Het kan soms lang duren voordat een hormoontekort bij volwassenen wordt ontdekt. Dit komt omdat de klachten meestal vrij algemeen of vaag zijn. Iemand voelt zich niet goed, maar kan niet precies duiden waar dat aan ligt. De meest genoemde klachten zijn: niet lekker in je vel zitten, vermoeidheid, gebrek aan energie, verlies van vitaliteit, moeite met concentreren en een slechter geheugen. De klachten kunnen zo erg zijn dat ze het werk of de relatie negatief beïnvloeden. Het is een bekend feit dat volwassenen die een gebrek aan groeihormoon hebben zeer uiteenlopend last kunnen hebben van de genoemde symptomen. Er zijn ook mensen die pas merken wat hun klachten waren als zij worden behandeld met groeihormoon.

    (Bron; informatiefolder van nvgg.nl)
    Verlies nooit de moed: soms gaat de deur pas open met de laatste sleutel van de bos

  4. #4
    Premium ++ Account Luuss0404's Avatar
    Lid sinds
    13-05-2009
    Locatie
    Groningen
    Posts
    5.659

    Exclamation Re: Groeihormoon (bij kinderen) - Artikel

    Vervolg

    Oorzaak
    Een tekort aan groeihormoon in het bloed is het gevolg van een aandoening aan de hypofyse, dan wel van een ziekte van de hersenstructuur die erboven ligt, de hypothalamus. Er zijn verscheidene aandoeningen bekend. Een van de meest voorkomende is een (bijna altijd goedaardig) gezwel in de hypofyse en/of hypothalamus dan wel in de buurt van deze hersenstructuren. Meestal valt door dit soort gezwellen niet alleen de groeihormoonproducerende functie uit, maar is ook de productie van andere hypofysehormonen vaak verstoord. Ook kan het zijn dat de hypofyse niet is beschadigd door het gezwel zelf, maar door de behandeling ervan (soms zelfs pas jaren later). Meestal bestaat de behandeling van deze hypofysegezwellen uit een operatieve verwijdering en/of bestraling. De verstoorde hypofysefuncties kunnen echter ook door de behandeling verbeteren.
    Tevens is er een aantal zeldzame oorzaken van het groeihormoontekort. Het komt voor dat er een aangeboren uitval is van de hypofysecellen die groeihormoon maken. Verder kunnen ontstekingen en infecties in het hypofysegebied leiden tot beschadiging van de hypofyse. Ook kan na een ongeval, waarbij hoofdletsel is opgelopen, de hypofyse beschadigd raken. Door deze zogenaamde traumatische beschadiging ontstaan er tekorten, omdat er minder hormonen in de bloedbaan worden afgescheiden. Daarnaast kan gebruik van groeihormoon op volwassen leeftijd nodig zijn als er groeihormoon in de kinderjaren is gebruikt voor de lengtegroei (ca. 30% van de kinderen moet de behandeling op volwassen leeftijd voortzetten omdat het groeihormoontekort blijft bestaan). Ten slotte is er een groep patiënten waarbij de oorzaak van hun groeihormoontekort niet bekend is. Dit noemen we idiopathische (van onbekende oorzaak) groeihormoondeficiëntie. De hoeveelheid groeihormoon en IGF-1 zijn gedurende een leven niet constant, en nemen met het ouder worden af. Dit begint al op vroege leeftijd: de groeihormoonproductie is het hoogst bij mensen tussen de 12 en 20 jaar. Met het ouder worden neemt het gehalte van groeihormoon steeds verder af. Op dit moment wordt er veel onderzoek gedaan naar de betekenis van de vermindering van groeihormoonproductie bij het ouder worden.

    Diagnose
    Bij volwassenen is het alleen zinvol om onderzoek te doen naar groeihormoontekort als er vooraf een afwijking aan de hypothalamus en/of de hypofyse bekend is. Bij circa 1 op de 10.000 volwassenen is er sprake van een groeihormoontekort. Het vaststellen van zo’n tekort is niet eenvoudig. De groeihormoon- en IGF-1-gehaltes in ons bloed wisselen namelijk sterk gedurende de dag en de nacht. De afgifte van groeihormoon door de hypofyse is niet continu, maar gaat in stootjes (pulsen). De grootste puls vindt kort na het begin van de slaap plaats. Ook de voedingstoestand heeft invloed op de concentraties in het bloed. De groeihormoonproductie is overdag laag en ’s nachts neemt die sterk toe. Eén bloedbepaling is niet voldoende om vast te stellen of iemand te weinig groeihormoon aanmaakt. Om duidelijk te krijgen of er sprake is van een groeihormoontekort, wordt er vaak een zogenaamde groeihormoonstimulatietest verricht. De meest gebruikte test is de ‘Insuline Tolerantie Test’ (ITT).

    Insuline Tolerantie Test
    Bij de Insuline Tolerantie Test krijgt de patiënt in het ziekenhuis via een infuus insuline toegediend. Door het toedienen van insuline wordt de bloedsuikerspiegel kunstmatig verlaagd. Onder normale omstandigheden (dus bij een goed functionerende hypofyse) prikkelt een lage bloedsuikerspiegel de hypofyse tot het afgeven van extra groeihormoon, waardoor het groeihormoongehalte stijgt in het bloed. Bij deze test wordt enkele malen na de insuline-injectie elke 2 à 3 uur bloed afgenomen om het groeihormoongehalte in het bloed te bepalen. Een stijging van het groeihormoongehalte betekent dat de hypofyse goed functioneert. Bij het uitblijven van een stijging is er sprake van een verstoring van de hypofysefunctie en wordt er dus te weinig of geen hormoon geproduceerd.
    Een andere manier om een indruk te krijgen van de groeihormoonproductie, is het meten van het IGF-1-gehalte in het bloed. Bij volwassenen is een laag IGF-1-gehalte in het bloed, in tegenstelling tot bij kinderen, niet een sluitend bewijs voor een groeihormoontekort maar slechts een aanwijzing. Volwassenen met een groeihormoontekort hebben meestal lagere IGF-1-waarden in hun bloed. Een laag IGF-1-gehalte kan bijvoorbeeld ook duiden op ondervoeding. Er zijn echter situaties waarbij het IGF-1-gehalte normaal is, maar er toch een groeihormoontekort bestaat. Het doen van één of meerdere stimulatietesten is dus op volwassen leeftijd meestal noodzakelijk om de definitieve diagnose te kunnen stellen.

    Symptomen van groeihormoontekort
    Uit wetenschappelijk onderzoek bij groeihormoondeficiënte patiënten, is duidelijk geworden dat door het groeihormoontekort verschillende organen en weefsels niet optimaal kunnen werken. De belangrijkste kenmerken van groeihormoondeficiëntie zijn:
    * Toename van het lichaamsvet in de buik
    Deze vettoename is niet altijd duidelijk zichtbaar, omdat het meeste van dit vet zich in de buik verzamelt. Dit zogenaamde vet in de buik is wel erg actief en heeft allerhande effecten op de suiker- en vetstofwisseling. Deze veranderingen zijn waarschijnlijk van belang in het sneller ontwikkelen van aderverkalking en dientengevolge toegenomen hart- en vaatziekten.
    * Afname van de spiermassa
    De lichamelijke conditie is verminderd en dat uit zich in minder lichamelijke activiteit, snel vermoeid zijn, en moeilijker langdurig met zaken bezig kunnen zijn. Tevens is de coördinatie tussen de spieren verminderd, waardoor men onhandiger is in het uitvoeren van fijnere werkjes (de fijne motoriek).
    * Afname van de botdichtheid
    Door de afname in botdichtheid heeft men op latere leeftijd een hoger risico op botbreuken.
    * Verstoorde zout- en waterbalans
    De nieren kunnen water en zouten niet goed vasthouden, waardoor veel lichaamsweefsels te weinig vocht bevatten. Een droge dunne huid kan één van de gevolgen zijn.
    * Verhoogd vetgehalte in het bloed
    Zoals bij toename van het lichaamsvet is beschreven, is een verhoogd vetgehalte nadelig omdat het de kans op hart- en vaatziekten vergroot.
    * Afname van energie en vitaliteit
    Het uithoudingsvermogen, de energie en vitaliteit van groeihormoondeficiënte patiënten nemen af. Daarnaast heeft groeihormoondeficiëntie een grote invloed op de kwaliteit van leven voor de patiënt en zijn familie. Enkele voorbeelden hiervan zijn: weinig zelfvertrouwen, sociale isolatie, angst, concentratiestoornissen, lusteloosheid en terugtrekking uit het arbeidsproces. Het samenspel van deze afzonderlijke kenmerken resulteert uiteindelijk in afgenomen levenslust. Dat dit grotendeelshet effect van een groeihormoontekort is, wordt duidelijk na de toediening van dit hormoon. De levenslust lijkt dan weer opnieuw op te borrelen.
    * Verminderd concentratievermogen en geheugenfunctie
    Met de afname van de spiermassa en een verschuiving in de stofwisseling in de hersenen, krijgen mensen met een tekort aan groeihormoon last van afnemend concentratievermogen. Dit verhindert vaak allerlei dagelijkse bezigheden, waardoor er een soort passiviteit zich van hen meester maakt. Het verminderd geheugen maakt ook allerlei handelingen moeilijker, bijvoorbeeld puzzelen of de krant lezen.
    Deze problemen kunnen tegenwoordig gelukkig goed worden bestreden door het aanpakken van de oorzaak: het tekort aan groeihormoon. Het groeihormoon kan betrekkelijk eenvoudig worden aangevuld.

    Behandeling
    Het is niet mogelijk om de hypofyse te repareren en opnieuw aan te zetten tot het produceren van groeihormoon of andere hormonen. Groeihormoon moet dus worden toegediend, maar dat kan niet in tabletvorm. Groeihormoon is een eiwit. Eiwitten worden door maagzuur afgebroken. Het lichaam zou er dan nog niets aan hebben. Alleen door groeihormoon in te spuiten, kan het lichaam het goed opnemen. Dat moet dagelijks gebeuren, omdat in een normale situatie ook elke dag groeihormoon aan het lichaam wordt afgegeven. Door het groeihormoon ’s avonds toe te dienen, wordt het beste de natuurlijke situatie nagebootst. U krijgt groeihormoon dat in de fabriek is geproduceerd. Het nagemaakte groeihormoon is precies hetzelfde van vorm en doet hetzelfde als het groeihormoon dat het lichaam produceert. Het middel bestaat al sinds midden jaren 80 en is uitgebreid getest. Er wordt gestart met een lage dosis groeihormoon die daarna aan de hand van het IGF-1 gehalte in het bloed wordt bijgesteld. Uiteindelijk wordt de juiste dosis bereikt. Het groeihormoon wordt iedere avond onder de huid gespoten. Er zijn diverse gebruikersvriendelijke pennen, zowel met als zonder naald. De arts of de verpleegkundige en ook de fabrikant van het groeihormoon kunnen hier verdere informatie over geven. Bij iedere soort pen hoort een uitgebreide uitleg en demonstratie.

    (Bron; informatiefolder van nvgg.nl)
    Verlies nooit de moed: soms gaat de deur pas open met de laatste sleutel van de bos

  5. #5
    Premium ++ Account Luuss0404's Avatar
    Lid sinds
    13-05-2009
    Locatie
    Groningen
    Posts
    5.659

    Exclamation Re: Groeihormoon (bij kinderen) - Artikel

    Vervolg

    De effecten van een groeihormoonbehandeling
    De belangrijkste positieve effecten die we kennen van een groeihormoonbehandeling bij volwassen patiënten zijn:
    * Afname van de hoeveelheid vetweefsel, met name in de buik
    * Toename van de spiermassa, waardoor de spierkracht toeneemt.
    * Toename van de botdichtheid.
    * Normalisatie van de hoeveelheid vocht in de weefsels.
    * Verlaging van de cholesterolgehaltes in het bloed.
    * Verbeterde hartfunctie.
    * Toename van energie, vitaliteit en uithoudingsvermogen.
    * Verbetering van het concentratievermogen.
    * Verbetering van de algehele lichamelijke conditie.
    Wel moet u erop bedacht zijn dat de effecten die hier worden genoemd, zijn aangetoond in groepen patiënten die met groeihormoon werden behandeld. Het zijn dus gemiddelde resultaten. Wat het effect zal zijn bij iedere individuele patiënt moet altijd worden afgewacht, maar bij de meeste patiënten zal het dicht liggen bij het gemiddelde effect.

    Zelfcontrole
    Om het effect van uw behandeling zelf te bekijken, is het een goed idee om van uzelf een video-opname te maken voordat u met de groeihormoonbehandeling begint. Als u dit herhaalt na 6 en na 12 maanden behandeling ziet u zelf dat er subtiele, maar belangrijke verschillen optreden. Bekijk bijvoorbeeld de mate waarop u uw aandacht op zaken kunt richten, de snelheid waarmee u spreekt en de vitale uitdrukking op uw gezicht.

    Bijwerkingen groeihormoon
    De meeste bijwerkingen treden op in de eerste maanden van de behandeling en verdwijnen door gewenning van het lichaam na verloop van tijd. Meestal treden de bijwerkingen op als de dosis van het groeihormoon te hoog is. Nadruk op de juiste individuele dosering van het groeihormoon die onder andere wordt bepaald door het geslacht en de leeftijd, is uitermate belangrijk. Mogelijke bijwerkingen in de eerste weken: Ophoping van vocht, wat kan leiden tot b.v. dikke enkels of tinteling in de vingers, gewrichtsklachten, spierpijn, hoofdpijn, misselijkheid. Als de klachten aanhouden is het raadzaam de arts hiervan op de hoogte te brengen.


    Groeicurve jongens

    Groeicurve meisjes

    (Bron; informatiefolder van nvgg.nl)
    Verlies nooit de moed: soms gaat de deur pas open met de laatste sleutel van de bos

Soortgelijke onderwerpen

  1. Reacties: 6
    Laatste Post: 23-02-19, 12:03
  2. Koorts bij kinderen - Artikel
    By Agnes574 in forum Medicatie en pijnbestrijding
    Reacties: 0
    Laatste Post: 04-01-09, 16:35
  3. 'Vlees met groeihormoon eten verslechtert sperma' - Zibb.nl
    By Nationaal Gezondheids Forum in forum Nieuwtjes over gezondheid en welzijn
    Reacties: 0
    Laatste Post: 28-03-07, 09:02
  4. Reacties: 0
    Laatste Post: 14-11-05, 15:16
  5. Reacties: 0
    Laatste Post: 14-11-05, 15:16